Yoshitoshi laat Van Gogh zien hoe hij naar Japan keek
De tentoonstelling brengt de serie Honderd aspecten van de maan naar Amsterdam. Speldengaatjes in Van Goghs Japanse prenten laten zien dat hij ze niet alleen verzamelde, maar ook aan de muur bestudeerde.

Een paar kleine gaatjes in de hoeken vertellen iets over kijken. Vincent van Gogh verzamelde vanaf 1885 honderden Japanse prenten; vijf daarvan waren van Tsukioka Yoshitoshi. De gaatjes laten volgens het Van Gogh Museum zien dat hij bladen ophing en bestudeerde.
Nu is Yoshitoshi’s serie Honderd aspecten van de maan voor het eerst te zien in het Van Gogh Museum. De tentoonstelling opende op 1 oktober en loopt tot en met 4 januari 2027. De honderd prenten tonen figuren en gebeurtenissen uit de Japanse en Chinese geschiedenis, mythologie en folklore; de maan verbindt de reeks.
Yoshitoshi (1839–1892) wordt door het museum omschreven als een grote vernieuwer van de Japanse prentkunst. Hij werkte volgens traditionele houtsnedetechnieken en nam ook westerse invloeden als perspectief en realisme op. De prenten maken die combinatie zichtbaar in een medium dat met lijnen, kleurvlakken en uitsparingen werkt.

De serie kwam uit de nalatenschap van verzamelaar Elise Wessels, oprichter van museum Nihon no hanga. Via een regeling in de Successiewet gingen 141 Japanse prenten uit haar collectie naar de Nederlandse Staat; ze zijn ondergebracht bij het Van Gogh Museum.
Het museum noemt de maanserie uitzonderlijk compleet en goed bewaard.
De presentatie is kleinschalig en loopt tot 4 januari 2027. Ook zijn er sessies “Mindful kunst kijken” op 30 oktober. De tentoonstelling valt binnen het Van Gogh Museum.