Tentoonstellingen
Yoshitoshi, meester van de maan, in het Van Gogh Museum: honderd prenten, één maan
Sinds donderdag 1 oktober 2026 hangt de complete reeks Honderd aspecten van de maan in het Van Gogh Museum, voor het eerst. Wie was de maker, wat toont de reeks en hoe kwam ze in Amsterdam terecht?

Sinds donderdag 1 oktober 2026 is in het Van Gogh Museum in Amsterdam de tentoonstelling Yoshitoshi. Master of the Moon te zien, tot en met 4 januari 2027. Het museum noemt het een dossiertentoonstelling. Het onderwerp is een reeks van honderd Japanse kleurenhoutsneden die het museum nog nooit eerder liet zien, Honderd aspecten van de maan van Tsukioka Yoshitoshi (1839-1892).
Museum Magazine schreef eerder over wat Vincent van Gogh van Japanse prenten overnam. Deze tentoonstelling kijkt de andere kant op: naar de maker van de prenten en naar zijn maan.

Honderd prenten, honderd verhalen
"One hundred prints, one hundred stories, and always the moon", zo opent het museum de beschrijving. Je ziet dichters, samoerai, courtisanes en mythische figuren uit de Japanse en Chinese geschiedenis, literatuur, mythologie en folklore, meldt het museum. Yoshitoshi laat hun verhalen zien in krachtige, kleurrijke composities.
De maan is het bindmiddel. Ze staat volgens het museum voor overpeinzing en nostalgie. Soms is de maan duidelijk in beeld, soms verraadt alleen het maanlicht dat ze erbij hoort. Ook Wikipedia noteert dat niet elke prent de maan laat zien, maar dat zij het verbindende motief is.
Het museum beschouwt de reeks als Yoshitoshi's meesterwerk en als een van de laatste grote reeksen binnen de Japanse houtsnedetraditie, de ukiyo-e. Te zien zijn onder meer Opkomende maan boven de berg Nanping – Cao Cao (1885), Gedicht – Ariko (1886), Inaba Mountain Moon (1885) en Jade Rabbit – Sun Wukong (1889).
De laatste grote meester
Yoshitoshi leefde in een tijd van grote verandering. In de tweede helft van de negentiende eeuw opende Japan zich na bijna twee eeuwen van bijna volledige isolatie voor buitenlandse invloeden. Het land moderniseerde ingrijpend. Yoshitoshi betreurde volgens het museum het verdwijnen van de rijke cultuur en tradities van het oude Japan. Met Honderd aspecten van de maan (1885-1892) probeerde hij ze levend te houden voor zijn tijdgenoten.
Hij werkte volgens de traditionele principes van de houtsnede, maar nam ook westerse invloeden over, zoals perspectief en realisme. Daarmee ontwikkelde hij een eigen, vernieuwende beeldtaal. Het museum noemt hem de laatste grote meester en vernieuwer van de ukiyo-e. Ook de Engelstalige Wikipedia noemt hem algemeen erkend als de laatste grote meester van dit genre.
Hoe de reeks in Amsterdam kwam
De honderd prenten zijn recent aan de collectie van het museum toegevoegd, dankzij een schenking van de nalatenschap van Elise Wessels (1943-2023). Zij was kunstverzamelaar en oprichtend directeur van het museum Nihon no hanga. Ze liet haar collectie na aan meerdere Nederlandse instellingen, zodat toekomstige generaties er kennis mee kunnen maken, meldt het museum. Via de Nederlandse erfbelasting, in de vorm van betaling in natura, gingen 141 Japanse prenten uit haar collectie, waaronder de complete reeks, over naar de Nederlandse Staat, met het Van Gogh Museum als bewaarplaats, aldus het museum.
Het museum noemt de reeks opvallend compleet en in uitstekende staat. Het Italiaanse kunstblad Finestre sull'Arte schrijft dat de volledigheid en de goede staat de reeks bijzonder maken, en dat de tentoonstelling voor het eerst de hele reeks in het museum laat zien.
Een verband met Van Gogh
Vincent van Gogh bewonderde Japanse kleurenhoutsneden. Vanaf 1885 stelde hij een verzameling van honderden prenten samen, waaronder vijf van Yoshitoshi, aldus het museum. Gaatjes in de hoeken van de bladen laten zien dat Van Gogh de prenten ophing en bestudeerde. Hun grote kleurvlakken, krachtige contouren en onverwachte composities speelden een belangrijke rol in zijn ontwikkeling.
Even anders kijken
Yoshitoshi begon in 1885 aan zijn maanreeks, en in hetzelfde jaar begon Van Gogh met het verzamelen van Japanse prenten. Wie de reeks nu ziet, herkent wat Van Gogh er volgens het museum in waardeerde: grote kleurvlakken, krachtige contouren en onverwachte composities. Maar het zijn geen leerstukken. Het zijn nachtelijke tafereeltjes waarin een maan het licht aanwijst, soms zonder dat je haar ziet. Daardoor is de maan het gemakkelijkst te vinden in wat ze belicht.
Bronnen en beeldverantwoording ↗