Gustave Caillebotte schilderde Paris Street; Rainy Day in 1877. Het is een van de grootste doeken in het Art Institute of Chicago: een natte kassei, een lantaarn als spil, wandelaars die elkaar net niet raken. Het kruispunt van de rues de Moscou, Turin, Saint-Pétersbourg en Clapeyron hoort bij het Parijs dat Haussmann had opengelegd: brede hoeken, nieuwe gevels, meer lucht tussen mensen. Paraplu’s — grijs, stevig, in serie denkbaar uit een warenhuis — maken van die ruimte een veld van schermen.
Een behandeling in 2013–14 vernieuwde de vernis; onder meer de grote paraplu en de kasseien werden geconsolideerd. Het doek oogt daardoor koeler en de donkere jassen leesbaarder. Wat niet verdween, is de lege meter tussen de man met de hoge hoed en de vrouw naast hem. Zij delen een paraplu en toch blijft er lucht. Achter hen loopt de stad door, kleiner, natter, even afstandelijk.

Gustave Caillebotte en zijn hond, gefotografeerd door Martial Caillebotte in 1892.
Conservatoren vernieuwden onder meer de vernis op de grote paraplu; het beeld werd daarna blauwer en de donkere partijen helderder.
Volg de stoeprand tot hij het voorste paar splitst. De stad is wijd. De omgang blijft krap.



